Home » Rugzak » Wat zit er in?

Wat zit er in de Rugzak?

rugzakje

Het Rugzakbudget bestaat uit drie delen:

  1. Een bedrag voor extra personele inzet.
    Dit kan bijvoorbeeld worden gebruikt voor extra uren voor de leerkracht, de remedial teacher, een klassenassistent, mentor of een andere gekwalificeerde medewerker. Een combinatie is ook mogelijk.
  2. Een vrij besteed bedrag.
    Hiermee kunnen de leermiddelen worden aangepast of speciale worden aangeschaft. Ook kan het worden gebruikt om nader onderzoek te (laten) doen om meer duidelijkheid te krijgen over hoe op school de leerling het beste kan worden geholpen; handelingsgericht onderzoek dus. (Het hoeft niet te worden ingezet voor het verrichten van onderzoek in het kader van een herindicatie.)
  3. Een bedrag voor ambulante begeleiding.
    Met dit bedrag weet de school zich verzekerd van ambulante begeleiding en dat de hiermee samenhangende materiŽle kosten worden vergoed zoals de reiskosten van de ambulant begeleider.

Ambulante begeleding: AB, TAB en PAB

Door middel van ambulante begeleiding wordt de school, de leerkracht(en) en (direct en/of indirect) de leerling deskundige hulp geboden. Deskundig op het gebied van onderwijs aan leerlingen met bepaalde specifieke beperkingen. Deze hulp kan bestaan uit het (laten) doen van handelingsgericht onderzoek, het meedenken over het handelingsplan en evt. opstellen er van, het geven van praktische adviezen, het doen van observaties, het deelnemen aan leerlingbesprekingen en (soms) uit het werken met de leerling.
De ambulante begeleiding wordt verzorgd door een medewerker van een speciale school of van een ambulante dienst van het REC (Regionaal Expertise Centrum).

Behalve ambulante begeleiding vanuit de Rugzak bestaan er nog twee andere vormen van AB nl. terugplaatsing ambulante begeleiding (TAB) en preventieve ambulante begeleiding (PAB):

  • TAB is voor leerlingen die na tenminste ťťn jaar worden overgeplaatst naar een reguliere school en niet meer voor een indicatie in aanmerking komen. Het doel hiervan is om de overgang goed te laten verlopen.
  • PAB is mogelijk voor leerlingen die (nog) niet aan de LGF-criteria voldoen, maar voor wie wel behoefte bestaat aan begeleiding om te voorkomen dat zij op termijn aangewezen zijn op een Rugzak of speciale school.

Voor TAB en PAB krijgen de scholen voor speciaal onderwijs, samenwerkend binnen een REC, een speciaal budget. Een deskundige medewerker (veelal een speciale commissie) van een REC stelt vast of een leerling hiervoor in aanmerking komt. Aanvragen hiervoor dienen door de school (bao, sbo, vo, mbo) te worden ingediend. Voor nadere informatie kan men dan ook het beste terecht bij het REC, waarop de school is aangewezen. (Of informeer bij de ambulante begeleider die al op school komt.)


Betaling

De bedragen voor extra personele inzet en vrij besteedbare zaken worden rechtstreeks overgemaakt naar de school waar de geÔndiceerde leerling is ingeschreven. Het bedrag voor de ambulante begeleiding wordt rechtstreeks overgemaakt naar de school of dienst welke de begeleiding gaat verzorgen.

Een school doet er verstandig aan om zo gauw een leerling een indicatie heeft gekregen, daar melding van te maken bij DUO (de 'kassa' van het ministerie van onderwijs). Zij krijgt dan met ingang van de eerstvolgende maand het rugzakbudget uitgekeerd. Dat geldt ook voor de speciale school of REC dat de AB gaat verzorgen. (Nadere informatie voor scholen op www.duo.nl en zoek op 'melding geÔndiceerde leerlingen'.)
Overigens: natuurlijk wacht een school hier niet op, maar start al direct met het opstellen van het handelingsplan en met de benodigde extra hulp - als dat al niet eerder is gebeurd.


Leerlinggebonden

Het geld uit de Rugzak moet worden besteed aan de extra begeleiding van de betreffende leerling. De Rugzak is immers een vorm van leerling-gebonden-financiering. Waarvoor en hoe deze gelden worden ingezet is afhankelijk van de hulpvraag van de leerling. De afspraken hierover worden vastgelegd in het handelingsplan en soms, voor wat betreft de AB, in een apart begeleidingsplan. Bij het opstellen van het handelingsplan moeten de ouders worden betrokken.


Bedragen

De hoogte van de Rugzakbedragen is afhankelijk van de beperking waarvoor de leerling is geÔndiceerd en van de school waar hij/zij staat ingeschreven. De in onderstaande tabellen opgenomen bedragen gelden voor ťťn (school)jaar.


Leerlingebonden budget per 1 augustus 2012  voor het basisonderwijs
(bedragen per schooljaar)
    voor school waar
kind is ingeschreven
  voor AB
(rechtstreeks naar REC)
toelaatbaar verklaard tot onderwijs van  personele
deel
 materiŽle
deel
personele
deel
materiŽle 
deel
cluster 2: dove kinderen 12.432,96 1.118 11.080,61 1.445
cluster 2: slechthorende kinderen   6.053,87 997   4.928,05 531
cluster 2: kinderen met ernstige spraak-moeilijkheden

 6.053,87 

997   4.928,05 531
cluster 3: lichamelijk gehandicapte kinderen

6.053,87

998

  4.255,77

 511
cluster 3: langdurig zieke kinderen met een lichamelijke handicap

6.053,87

997

  4.255,77

 460
cluster 3: zeer moeilijk lerende kinderen  6.053,87* 941

  4.255,77

 307

cluster 3: meervoudig gehandicapte kinderen met de combinatie:

- doof en zeer moeilijklerend
- doof en blind
- slechthorend en zeer moeilijk lerend
- lichamelijk gehandicapt en zeer moeilijk lerend




12.432,96
12.432,96
12.432,96
12.432,96



997
997
997
997

  


4.928,05
4.928,05
4.928,05
4.255,77

 


531
531
531
460

cluster 4: kinderen met gedragsproblemen en/of psychiatrische problematiek   6.053,87 997

  4.255,77

460

*Voor zeer moeilijk lerende kinderen in het basisonderwijs vanaf groep 3 is een aanvullend bedrag beschikbaar van € 6.373,39 plus voor materiŽle bekostiging € 302.

(Klik hier voor de regeling in 2012-2013)

 (klik hier voor de regeling in 2013-2014)


Leerlinggebonden budget per 1 augustus 2012 voor het speciaal basisonderwijs
(bedragen per schooljaar)

  Voor school waar kind is ingeschreven

Voor AB
(rechtstreeks naar het REC)

toelaatbaar verklaard tot   onderwijs van        
cluster 2: dove kinderen  8.427,48  901   11.080,61 1.445
cluster 2: slechthorende     kinderen  2.048,39  780     4.928,05    531
cluster 2: kinderen met ernstige spraakmoeilijkheden  2.048,39  780     4.928,05    531
cluster 3: lichamelijk gehandicapte kinderen   2.048,39  781     4.255,77    511
cluster 3: langdurig zieke kinderen met een lichamelijke handicap  2.048,39  780     4.255,77    460
cluster 3: zeer moeilijklerende kinderen

2.048,39

 724     4.255,77    307

cluster 3: meervoudig gehandicapte kinderen met de combinatie:

- doof en zeer moeilijklerend
- doof en blind
- slechthorend en zeer moeilijklerend
- lichamelijk gehandicapt en zeer  moeilijklerend

 


8.427,48
8.427,48
8.427,48
8.427,48

 


 780
 780
 780
 780
 


4.928,05
4.928,05
4.928,05
4.255,77
 


   531
   531
   531
   460
cluster 4: kinderen met gedragsproblemen en/of psychiatrische problematiek  2.048,39  780     4.255,77    460

(Klik hier voor de betreffende regeling) Zie artikel 15 en 16.

Leerlinggebonden budget per 1 augustus 2013 voor het voortgezet onderwijs
(bedragen per schooljaar)

toelaatbaar verklaard tot onderwijs van voor PRO
en LWOO *
voor overig VO voor AB
(rechtstreeks naar REC)
   personeel en materieel deel  personeel en materieel deel  personele
deel
 materiŽle
deel
cluster 2: dove kinderen

2.479,77

3.217,81

5.291,38

590

cluster 2: slechthorende kinderen

1.594,13

3.217,81

3.422,41

228

cluster 3: lichamelijk gehandicapte kinderen

1.623,66

3.217,81

4.569,28

429

cluster 3: langdurig zieke kinderen met een lichamelijke handicap

1.594,13

 

3.217,81

 

2.952,36

250

cluster 3: zeer moeilijk lerende kinderen    1.594,13**

3.217,81

2.955,16

136

cluster 3: meervoudig gehandicapte kinderen met de combinatie:

- doof en zeer moeilijk lerend
- doof en blind
- slechthorend en zeer moeilijk lerend
- lichamelijk gehandicapt en zeer moeilijk lerend

 


 

          1.594,13 1.594,13
1.594,13

1.594,13

 




           3.217,81 3.217,81 3.217,81

3.217,81


 

 




           3.422,41 3.422,41  3.422,41

2.955,16




             

290

290

290

250

cluster 4: kinderen met gedragsproblemen en/ of psychiatrische problematiek

1.594,13

3.217,81

2.955,16

250

* Voor het praktijkonderwijs (PRO) en het leerwegondersteunend onderwijs (LWOO) wordt een korting toegepast, omdat er binnen deze vormen van voortgezet onderwijs al extra onderwijs-zorgmiddelen beschikbaar zijn.
(Klik hier voor de betreffende regeling)

** Voor leerlingen met het syndroom van Down in het voortgezet onderwijs hoeft de school geen aanvullende personele bekostiging aan te vragen bij DUO. Door de invoering van het persoonsgebonden nummer kan deze bekostiging ambtshalve worden toegekend.



 

Leerlinggebonden budget per 1 augustus 2013 voor middelbaar beroepsonderwijs voltijds
(bedragen per schooljaar)


voor MBO-instelling
voor AB
(rechtstreeks naar REC)
toelaatbaar verklaard tot onderwijs
van
 assistent
en basis
 vak, midden
en specialist
 personele
deel
materiŽle
deel
cluster 2: dove deelnemers  2.410  3.128  5.159,87  559
cluster 2: slechthorende deelnemers  1.550  3.128  3.337,35  216
cluster 2: meervoudig gehandicapte
deelnemers
 1.550  3.128  3.337,35  274
cluster 2: ernstige spraakmoeilijkheden  1.550  3.128  3.337,35  274
cluster 3: lichamelijk gehandicapte
deelnemers
 1.578  3.128  4.517,25  405
cluster 3: langdurig zieke deelnemers
met een lichamelijke handicap
 1.550  3.128  2.921,51  236
cluster 3: zeer moeilijk lerende
deelnemers
 1.550  3.128  2.921,51  128
cluster 3: meervoudig gehandicapte
deelnemers
 1.550  3.128 2.921,51  236
cluster 4: gedragsproblematiek  1.550  3.128  2.921,51  236


Leerlinggebonden budget per 1 augustus 2013 voor middelbaar beroepsonderwijs deeltijds 
(bedragen per schooljaar, afgerond in hele euro's)


  voor MBO-instelling   voor AB
(rechtstreeks naar REC)
toelaatbaar verklaard tot onderwijs van  assistent
en basis
 vak, midden
en specialist
 personele
deel
 materiŽle
deel
cluster 2: dove deelnemers  1.607  2.085  3.439,92  373
cluster 2: slechthorende deelnemers  1.033  2.085  2.224,90  144
cluster 2: meervoudig gehandicapte deelnemers  1.033  2.085  2.224,90  183

cluster 2: ernstige spraakmoeilijkheden

 1.033  2.085  2.224,90  183
cluster 3: lichamelijk gehandicapte deelnemers  1.052  2.085  3.011,50  270
cluster 3: langdurig zieke deelnemers met een lichamelijke handicap  1.033  2.085  1.947,67  157
cluster 3: zeer moeilijk lerende deelnemers  1.033  2.085  1.947,67   85
cluster 3: meervoudig gehandicapte deelnemers  1.033  2.085  1.947,67 157
cluster 4: gedragsproblematiek  1.033  2.085  1.947,67  157


(Klik hier voor betreffende regeling. De bedragen zijn niet aangepast t.o.v. 2011)


Visueel gehandicapten

Visueel gehandicapte leerlingen vallen niet onder de Regeling leerlinggebonden financiering. De instellingen voor visueel gehandicapten beschikken over middelen om ambulante begeleiding te verzorgen in het regulier onderwijs basis– en voortgezet onderwijs en het mbo. Daarnaast kan een school bijzondere bekostiging aanvragen voor personeel en voor aanvullende bekostiging voor materiŽle instandhouding.

De bijzondere bekostiging bedraagt in het basisonderwijs:

 soort handicap voor personeel  voor materiaal
 blinde leerling  12.568,76  1.280,83
 slechtziende leerling    6.119,99  1.083,23


(Klik hier voor de betreffende regeling van CFI  en zie artikel 33.)

De bijzondere bekostiging voor blinde en slechtziende leerlingen in het voortgezet onderwijs bedraagt:

  • € 3.150 per leerling.

De bijzondere bekostiging voor blinden en slechtziende leerlingen in het middelbaar beroepsonderwijs bedraagt:

  • voor een deelnemer in de beroepsopleidende leerweg:
    € 3.150 (voltijd) voor een deelnemer in de beroepbegeleidende leerweg is dat € 2.080,- aanvullende bekostiging (deeltijd).
(Klik hier voor de betreffende regeling van DUO.)

  _________________________________________________________________________